meester Henk meer voor kinderen
 
(Advertentie)
(Advertentie)

H I E R  kun je, voordat je begint, eens kijken wat je al weet over dit onderwerp of als je later nog eens wilt oefenen.

je :

  • kunt omschrijven wat textiel is;

  • kunt omschrijven wat vezels zijn en voorbeelden van vezels noemen;

  • kunt eigenschappen en toepassingen van veel voorkomende vezelsoorten noemen;

  • kunt uitleggen wat spinnen is;

  • kunt aangeven dat vezels ook gebruikt worden om papier van te maken.

 

Je trekt een spijkerbroek aan van katoen. Je regenjas is gemaakt van plastic. Je rijdt naar school op een fiets van metaal. En je loopt naar je klaslokaal over een natuurstenen trap.

Elke dag gebruik je allerlei materialen. Al deze materialen komen uit de natuur, of zijn gemaakt van de stoffen uit de natuur.

 

Begrippen:

vezels

textiel

spinnen

metaal

erts

legering

natuursteen

glazuur

keramiek

beton

Je :

  • kunt omschrijven wat metaal is en voorbeelden noemen van metaalsoorten;

  • kunt uitleggen dat metaal uit ertsen wordt gehaald en wat ertsen zijn;

  • kunt omschrijven wat legeringen zijn en hier voorbeelden van noemen;

  • kunt aangeven welke metalen magnetisch zijn en welke niet.

(Advertentie)
(Advertentie)

Je :

  • kunt omschrijven wat natuursteen is en waarvoor het wordt gebruikt;

  • kunt omschrijven wat keramiek is en waarvoor het wordt gebruikt;

  • kunt aangeven dat er zand nodig is om glas te maken;

  • kunt omschrijven wat beton is en waarvoor het wordt gebruikt.

 

Je :

  • toetst je kennis m.b.t. de begrippen;

  • kunt uitleggen wat plastic is en waarom plastic een bijzonder materiaal is;

  • kunt uitleggen waarom het hergebruik van materialen belangrijk is.